Bestuurdersaansprakelijkheid: welke fouten ziet de rechter steeds terug?

Bestuurdersaansprakelijkheid

Bestuurdersaansprakelijkheid klinkt voor veel vrijwilligersbesturen als iets dat alleen speelt bij “grote” organisaties of extreme fraudezaken. Toch laten recente uitspraken zien dat het vaak misgaat bij heel herkenbare dingen: betalingen zonder goede onderbouwing, onvoldoende controle of te veel vertrouwen op één persoon.

Wat de rechter terugziet

1) Betalingen die niet goed zijn uitgelegd of vastgelegd

In een recente zaak over een voetbalvereniging draaide het om betalingen aan bestuurders/derden. De Rechtspraak-samenvatting benoemt expliciet aansprakelijkheid van bestuurders voor betalingen aan zichzelf en derden.

Als geld de deur uitgaat, moet voor het bestuur duidelijk zijn:

  • waarom die betaling wordt gedaan,
  • wie daarover heeft besloten,
  • en waar dat is vastgelegd (notulen / administratie / factuur).

Zonder die basis wordt een betaling achteraf al snel een risico.

2) Grote plannen uitvoeren zonder voldoende financiële check

In een andere zaak over een voetbalvereniging wordt in de Rechtspraak-samenvatting genoemd dat een bestuurder op grond van art. 2:9 BW aansprakelijk is voor schade van de vereniging. In toelichtingen op die zaak komt terug dat het ging om het uitvoeren van ambitieuze plannen zonder voldoende onderzoek naar de financiële haalbaarheid.

Dus: Ambitie mag, maar laat je bestuur altijd eerst toetsen: klopt de begroting, wat zijn de risico’s, wat als inkomsten tegenvallen en wie houdt toezicht tijdens de uitvoering?

3) Onvoldoende toezicht op wat namens de organisatie gebeurt

Bij een stichting oordeelde het hof dat een bestuurder aansprakelijk was voor bedragen die de stichting moest terugbetalen aan een zorgverzekeraar. In de samenvatting staat dat het ging om onvoldoende controle op dossiers en tekortschieten in de bestuurstaak.

Dus het excuus: “Dat lag bij iemand anders” is niet genoeg. Als bestuurder heb je óók een taak in:

  • toezicht houden,
  • doorvragen,
  • controleren op hoofdlijnen,
  • en ingrijpen als iets niet klopt.

De 5 fouten die je als bestuur wilt voorkomen

Op basis van dit soort uitspraken zie je vaak dezelfde patronen terug:

  1. Te weinig controle op betalingen en declaraties
  2. Besluiten niet (goed) notuleren
  3. Geen duidelijke onderbouwing van uitgaven/contracten
  4. Te veel afhankelijk zijn van één bestuurder (bijv. voorzitter/penningmeester)
  5. Signalen zien, maar niet ingrijpen

Dat maakt bestuurdersaansprakelijkheid geen “plotseling juridisch probleem”, maar een gevolg van opgestapelde slordigheid.

Wat kun je vandaag al doen?

  1. Werk met een 4-ogen-principe
  2. Leg besluiten kort maar duidelijk vast
  3. Vergelijk bij grotere uitgaven altijd opties
  4. Maak financiën periodiek een vast agendapunt
  5. Spreek af wie waarop toezicht houdt
  6. Bewaar bewijs bij de actie

Let op: Dit artikel biedt algemene informatie en is geen juridisch advies. Of het op jouw situatie van toepassing is, hangt af van jullie statuten, reglementen en afspraken. Raadpleeg bij twijfel je notaris of jurist.

Vragen over jouw situatie?

Schrijf je in voor ons gratis WBTR-webinar. In 30 minuten krijg je duidelijke uitleg, praktijkvoorbeelden en kun je live je vragen stellen.

Zelf aan de slag met de WBTR

WBTR pakket
Kies je abonnement

Kies het abonnement dat bij je past.

Startsessie met een expert

We helpen je op weg bij het zetten van de eerste stappen.

Aann de slag met het online stappenplan

In 10 stappen voldoen aan de WBTR. Klaar in 3 uur!

Je WBTR op 1 plek geregeld

In het dashboard bewaar je het overzicht op de WBTR.

Meld je aan voor de WBTR nieuwsbrief